Entiteit · sociaal domein

Wmo 2015 (Wet maatschappelijke ondersteuning)

Laatst herzien: 2026-05-23

TL;DR

De Wmo 2015 verplicht gemeenten om burgers te ondersteunen die niet zelfstandig kunnen meedoen, met maatwerkvoorzieningen op het gebied van zorg, dagbesteding en hulp in huis — in werking sinds 1 januari 2015.

Ook bekend als: Wet maatschappelijke ondersteuning · Wmo · Wmo-voorziening

Wat is de Wmo 2015?

De Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 — afgekort Wmo of Wmo 2015 — verplicht gemeenten om burgers te ondersteunen die door beperkingen, ouderdom, chronische psychische of psychosociale problemen niet zelfstandig kunnen meedoen in de samenleving. De wet is op 1 januari 2015 in werking getreden als onderdeel van de decentralisaties in het sociaal domein, waarbij verantwoordelijkheden vanuit het Rijk en de provincies werden overgeheveld naar gemeenten.

Maatwerk en algemene voorzieningen

De Wmo onderscheidt algemene voorzieningen (vrij toegankelijk, zoals een buurthuis of welzijnswerk) en maatwerkvoorzieningen (op aanvraag, na beoordeling). Voorbeelden van maatwerk: huishoudelijke hulp, individuele begeleiding, dagbesteding, vervoer, woningaanpassingen, hulpmiddelen, en beschermd wonen voor mensen met ggz-problematiek. De gemeente bepaalt — na een keukentafelgesprek — wat passend is.

Procedure en termijnen

Een aanvraag begint bij het gemeentelijk Wmo-loket of een sociaal wijkteam. De gemeente voert een onderzoek uit (vaak een gesprek aan de keukentafel) en moet binnen acht weken na aanvraag een beschikking afgeven. Tegen deze beschikking staat bezwaar en beroep open. Voor de meeste voorzieningen geldt een eigen bijdrage in de vorm van een abonnementstarief van €20,60 per maand (2025).

Verhouding tot andere wetten

De Wmo grenst aan meerdere wetten. Voor jongeren onder 18 jaar geldt de Jeugdwet. Voor zware, blijvende zorg met 24/7-toezicht geldt de Wet langdurige zorg (Wlz), met indicatie door het CIZ. Voor medische zorg geldt de Zorgverzekeringswet. Voor inkomen en re-integratie geldt de Participatiewet. In de praktijk zijn deze wetten vaak verweven en is goede afstemming tussen gemeentelijke afdelingen essentieel om mensen niet tussen wal en schip te laten vallen.

Veelgestelde vragen

Wat regelt de Wmo?
De Wmo regelt ondersteuning voor mensen die door beperkingen, ouderdom of psychische problemen niet zelfstandig kunnen meedoen. Voorbeelden van voorzieningen: huishoudelijke hulp, dagbesteding, vervoer, individuele begeleiding, woningaanpassing en beschermd wonen.
Hoe vraag je Wmo-hulp aan?
Via de gemeente — meestal het Wmo-loket of een wijkteam. De gemeente voert een 'keukentafelgesprek' om de situatie te beoordelen. Op basis daarvan wordt beslist of en welke voorziening passend is. De gemeente is verplicht binnen acht weken na aanvraag een beschikking te geven.
Wat is de eigen bijdrage?
Voor de meeste Wmo-voorzieningen geldt een eigen bijdrage. Sinds 2019 is dat het 'abonnementstarief' van €20,60 per maand (2025), ongeacht inkomen of vermogen — met uitzonderingen voor beschermd wonen en opvang.
Hoe verhoudt zich tot de Wlz?
De Wmo is voor lichtere ondersteuning en geldt onbeperkt zolang nodig. De Wet langdurige zorg (Wlz) is voor zware, intensieve zorg waarbij 24/7 toezicht of permanente nabijheid nodig is. Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) beoordeelt of iemand onder de Wlz valt.

Bronnen

Relevante portals

Gerelateerde begrippen

Nieuwsbrief

Eén mail per maand, niets meer.

Nieuwe portals, AVG-veranderingen, sociaal-domein-onderzoek. Geen spam. Uitschrijven met één klik.